Belsele

Belsele

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

WANDELVERSLAG

Verslag dubbele wandeling van vrijdag 3 oktober 2014 te Belsele/Sint-Niklaas.

‘Langs trage wegen’

Ooit lagen er in Belsele 69 (soixante-neuf) wegels, daarvan zijn er een aantal straat geworden en de rest onderging zo haar eigen lot. Sommige zijn in de loop der jaren spontaan verdwenen, een deel is illegaal afgesloten of ingepalmd, andere zijn maar gedeeltelijk toegankelijk en wat nog overblijft is volledig toegankelijk. Langs deze laatste hadden we een wandeling van 11 km en een van 7 km.
Luc had voor de lange tocht 8 volgelingen, de overige 18 waren voor Martine gekomen.
Ik was gekomen voor de 7 km, wat voor mijn ouwe korte beentjes al lang genoeg was. Aldus doe ik verslag van de korte tocht met Martine en vermeld tussendoor waar diegenen van de lange tocht hun extra kilometers boekten. Beide groepen vertrokken in de Eindestraat (met een kleine tussenafstand) van aan Brasserie De Drie Lindekens linksaf naar de Kleemstraat. Daar, nog vóór de afslag naar de Kuilstraat, passeerden we een huis gemerkt met een totempaal en konden de kippen hier in de brievenbus hun dagelijks ei kwijt. Wat verderop namen we links de Kuilstraat (Kuylstraet) die ons terug in de Kleemstraat bracht. Wij volgden deze rechtdoor; groep 1 sloeg hier rechts af om na een eindje stappen links de wegel Kleine Caillestraat (Kleine Colliestraat) te volgen en alzo in de Colliestraat uit te komen. Daar draaide de groep links op, terug naar de Kleemstraat en dat was het geluk van groep 2 want die was het goede pad kwijt, maar had er nog geen weet van. Martine en onze voorzitter, die groep 2 trokken, waren in een zodanig interessant (diepzinnig?) gesprek verwikkeld dat ze gewoonweg het Puyveldewegelken voorbij waren gestapt, de Eikenstraat in. Door de lus langs de Kleine Caillestraat was groep 1 achter ons beland en zag dat wij op het verkeerde pad stapten. Geroep en gefluit trok onze aandacht en dan viel Martine haar cent. We maakten rechtsomkeer (of was het linksom) en keerden terug naar het overgangspunt van de Kleemstraat en de Eikenlaan waar wij het Puyveldewegelken introkken. Inmiddels had groep 1 aan de overkant van de weg zijn tocht voortgezet langs de smalle Marinswegel. De snelle stappers liepen deze af tot in de Groenstraat om daar links via de Stadhoudersboschwegel de Eikenlaan te bereiken. Die volgden ze links tot aan het Puyveldewegelken, een knuppelpad in de letterlijke zin van het woord, vanwaar ze verder grotendeels dezelfde route volgden als groep 1.
Hier verlieten we de Kouterwijk en kwamen volop in de wijk Gouden Leeuw terecht, met nog meer bos en struikgewas dan de Kouterwijk. Aan het einde van het ‘wegelken’ kwamen we in de Bosstraat terecht. Die liepen we een eind rechts af om links het takkengewelf van de Bosdreef in te trekken. De dreef wordt ook veelvuldig door ruiter en paard gebruikt en ligt er soms modderig bij, wij hadden er nu geen last van.
De Bosdreef kwam uit op de Weduwe Voswegel die naar de Gouden Leeuwstraat leidde. Deze staken we over naar de Dryschouwwegel, een wegel met onwelriekende afvoergreppel ernaast, die we afwandelden tot aan de hoek van de Burmstraat en de Sinaaiwegel. We liepen een zijwegel van deze laatste in en aan het einde ervan keken we pal naar de  kerktoren van Sinaai; we staken er een gracht over en volgden die links tot we in de Kouterstraat uitkwamen. We draaiden er links op om er na een kort eindje rechts de dreefachtige Cauterwegel te nemen. Groep 1 liep de Sinaaiwegel af en trok naar de Boskapel waar ze een korte rustpauze hielden, via de Ransbeekwegel bereikte die ook de Kouterstraat en de Cauterwegel. Groep 2 had de Boskapel omzeild en heeft de kapel en omgeving niet gezien. De Cauterwegel gaf uit op de Koutermolenstraat waar we de spoorweg en de Kleemstraat kruisten en alzo eindigden in de Eindestraat aan De Drie Lindekens.
Groep 2 en 1 vielen binnen de 20 minuten de brasserie binnen.  
Onder een gulle najaarszon hadden Luc en Martine ons door de groene long tussen Belsele en Sinaai geloodst. We hadden een hele wandeling lang ons vol gezonde lucht gepompt en in de open plekken van het goudgele zonnetje genoten. En toch vertoont die groene long donkere vlekjes, dat zijn de riante villa’s die tussen al dat mooie groen staan.
Wat mij opviel, en bij vroegere wandelingen ook al, was: ‘Waar men gaat langs Vlaamse paden, wegels en wegen komt men paarden, paardjes en ezels in de wei tegen.
Onder het smikkelen van pannenkoeken met koffie, een streekbiertje of een meer gerenommeerd biertje konden we keuvelend nagenieten en Luc en Martine bedanken voor de prachtige natuurwandeling(-en).

 Verslag: Daniël Van Renterghem


 

 

 

©copyright 2008 daniel.verbeke | gastenboek | feedback