VERSLAG LEDENVERGADERING

Verslag ledenbijeenkomst van dinsdag 9 oktober 2018.

“Hoe werkt de politiek in België"    Door: prof. Carl Devos

Prof. Carl Devos is politicoloog en al meerdere decennia actief op de UGent. Dhr. Devos kreeg vooral naambekendheid in Vlaanderen door zijn kritische reflecties, politieke commentaren of columns in de media.
Hij stak onmiddellijk van wal: “Nú op 14 oktober hebben we gemeente- en provincieraadsverkiezingen, op 26 mei 2019 moeten we gaan kiezen voor het Europees Parlement, het federaal en het Vlaams Parlement.”
De resultaten van de provinciale verkiezingen zijn de beste 'opiniepeiling' aangaande de verkiezingen van volgend jaar. Kiezers lezen het programma voor de provincie niet en stemmen hier het meest naar het gevoel van 'in welke partij herken ik mij het meest'.
Hij beperkte zich vandaag tot de verkiezingsgeschiedenis vanaf 1999 = dioxinecrisis. Toen waren er verkiezingen voor: het Vlaams Parlement, de Kamer van Volksvertegenwoordigers, de Senaat en het Europees Parlement. Door het dioxineschandaal is toen de grote kanteling begonnen die een einde maakte aan de dominantie van de CVP (nu: CD&V).
In één decennium zijn er toen zeer veel verkiezingen geweest, zowel gemeentelijke, provinciale, regionale, federale als Europese. Van 1999 t.e.m. 2014 zijn er tien verkiezingen geweest, waarvan er 8 plaatsvonden in de periode 1999 - 2010.
Dat is van het goede teveel, de kiezers worden het beu.
Meerdere verkiezingen in zo weinig jaren brengen mee dat veel mandatarissen telkens terug op de lijsten verschijnen en dan toch hun mandaat niet opnemen... (schijnkandidaten). Dit heeft tot gevolg dat elke verkiezing in feite steeds over alles gaat, zowel locale, als provinciale, als nationale items. Dit bezorgt de politici veel stress.
In 2010 is daarom in het ‘vlinderakkoord’ beslist om de federale verkiezingen in de toekomst te laten samenvallen met de regionale en de Europese waardoor de looptijd van de federale legislatuurperiode van 4 naar 5 jaar werd gebracht. In 1999 werd de VLD (nu: Open VLD) plots de grootste partij, en was de CVP van haar troon gestoten.
De komeet N-VA. In 2001 is de nieuwe partij N-VA gestart. In 2003 nam ze voor het eerst deel aan verkiezingen, in 2009 behaalde ze reeds 28,2% van de stemmen, waar ze bij de eerste deelname 4,23% haalde. Geen enkele partij haalt normaal 23%! Tussen 2009 en 2014 kende ze nog eens een groei, zodat ze in 2014 32% van de stemmen haalde. Dit is een mirakel te noemen, nooit eerder is een partij zó snel groot geworden. Zelfs de N-VA zelf had het niet meer onder controle.
In België is de politieke versnippering van het partijlandschap zeer groot. Volgens de metingen staat België op een cijfer van 9,62, ter vergelijking: FR 5,27,  NL  5,94,  DE 4,81,   IT. 5,33.
Zo'n versnippering is niet erg als het kiesgedrag constant is. Is er evenwel een grote volatiliteit bij de kiezers (= mate waarin kiezers van partij (gedacht) veranderen), dan zorgt dit wel voor veel stress in de partijen.
In Vlaanderen is er tussen twee verkiezingen in gemiddeld 42% verschuiving van de kiezers.
Zelfs tijdens de laatste 2 weken voor de verkiezingen veranderen het grootste deel van die 42% nog van mening. De volatiliteit is groot tussen gelijklopende partijen, vb. tussen Open VLD, CD&V, N-VA en anderzijds tussen N-VA en VB, en als derde groep: tussen sp.a, PVDA en Groen. De strijd is dus steeds het grootst met de dichtbijliggende partijen. Volgens onderzoek weet 41% vooraf voor wie ze zullen kiezen. 60% van de kiezers begint er maar over na te denken vanaf 2 weken voor de verkiezingsdag, 13% daarvan beslist pas de laatste dag en tot zelfs 10% daarvan beslist slechts op de dag zelf.
Op 14 oktober wordt er gestemd in 300 steden en gemeenten, er zijn 1616 lijsten waarop 36.545 kandidaten en er dienen 7398 gemeenteraadsleden te worden verkozen.
Duizel je nog niet van al die cijfertjes en procenten? Tja, dergelijke materie vereist nu eenmaal cijfermateriaal om dingen duidelijk te maken. ‘k Heb wel heel veel moeten opschrijven want dat kon ik nooit onthouden...  :-)
In de grootsteden wordt sowieso alles ook voor een stuk door een nationale bril bekeken, én daar zijn er ook de "bekende koppen". Deze verkiezingen liggen vrij kort bij de volgende in mei 2019, dit mocht ook al blijken uit de aankondiging van N-VA door nu een campagne te starten voor de 2 verkiezingen, waarna de sp.a en de CD&V ook overkoepelende campagnes aankondigden; wat expliciet aantoont dat de koppeling over de verkiezingen heen werkt.
Wat is de huidige trend? CD&V is nog groot, vooral op gemeentelijk vlak, maar blijft dalen; N-VA kan wellicht nog stijgen; sp.a is steeds verder aan het zakken en Groen is in stijgende lijn.

Zal er op het lokale vlak een machtsovername plaatsvinden? Zal het leiderschap op links een wissel geven? Er zijn kenners die denken dat Groen tot 20% van de stemmen kan halen. Vlaams Belang uit grote kritiek op N-VA. Zal dit zondag gevolgen hebben voor N-VA? Bij de lokale verkiezingen heeft 60% van de lijsten een band met een nationale partij. Bij exitpolls (= bevraging van mensen die nét uit het kieshokje komen) blijkt dat 60% van het stemgedrag gebaseerd is op lokale problemen, 40% kiest lokaal toch in functie van algemene redenen/belangen. Meestal kiezen de mensen regionaal en federaal voor dezelfde partij, wel worden er meer voorkeurstemmen gegeven bij lokale verkiezingen.
Coalitievorming: in 70% van de gemeenten is er de zondagavond van de verkiezingen reeds een coalitie gevormd. Tegen de donderdag daaropvolgend is reeds in 80% van de gemeenten een coalitie gevormd.
In 70% van de gemeenten is er een of andere vorm van een voorakkoord, maar de helft sneuvelt daar nog van.
Omdat er volgend jaar federale verkiezingen zijn, maakt dit in grotere steden vooral de coalitievorming moeilijk…

Na de pauze was er tijd voor vraagstellingen.
- “Wat met de nieuwe Vlamingen?”
Vreemdelingen kunnen na 5 jaar verblijf in België een aanvraag indienen om deel te nemen aan de gemeenteraadsverkiezingen, ze hoeven daarvoor alleen een verklaring te ondertekenen. Om te kiezen moeten ze zich dan laten registreren en hebben dan ook "opkomstplicht".
Geen "kiesplicht" zoals velen denken, je moet je aanmelden en met de stembrief in het kieshokje gaan, maar of je nu wel of niet (geldig) stemt maakt niet uit. Wie zich niet aanmeldt kán een boete krijgen van € 40 à 50, maar die wordt niet of uiterst zelden uitgeschreven... Weer een typisch Belgische oplossing: "opkomstplicht" niet afschaffen maar niet bestraffen wie er niet aan deelneemt. In Brussel bijvoorbeeld gaat ongeveer 20% van de kiesgerechtigden niet stemmen.
- “Wat met de ouderen?”
Is niet gemakkelijk op te lossen. Vanaf welke leeftijd ga je bepalen dat mensen geen opkomstplicht meer hebben? Het heeft ook helemaal niet op de agenda gestaan tijdens deze legislatuur. Socialisten houden het hevigst aan de opkomstplicht, maar nu ze niet in de regering zitten is het toch niet op tafel gekomen. De gevolgen probeert men in te schatten. Zou het politieke landschap er dan geheel anders uitzien? Verschillende studies spreken elkaar tegen, het is niet te voorspellen hoeveel mensen nog zouden gaan stemmen als er geen opkomstplicht meer zou bestaan.
- “Hoeveel politici hebben een juridische achtergrond?”
Héél veel, de juiste cijfers ken ik niet uit het hoofd. Je zou je afvragen hoe het komt dat er dan nog zoveel slechte wetten worden gemaakt? Maar er zijn zó veel wetten die via meerdere kanalen met elkaar in verbinding staan dat er altijd wel ergens een gaatje te vinden is.
- “Waarom geen twee stemrondes: een voor gemeenteraadsleden en een rechtstreeks voor burgemeester?”
In Wallonië geldt: binnen de grootste partij van de coalitie wordt de persoon met de meeste voorkeurstemmen de burgemeester. Maar ook in Vlaanderen is het toch meestal de persoon met de meeste voorkeurstemmen die burgemeester wordt, dus is de noodzaak om het splitsen niet groot.
- “Waarom niet meteen alle verkiezingen tegelijkertijd?”
Federaal om de 6 jaar lijkt toch wel heel lang, 5 jaar is reeds lang genoeg, of de gemeenten zouden moeten wijzigen naar om de 5 jaar..., maar daar is het al zó lang om de 6 jaar...
Het is nu al merkbaar dat een federale legislatuur van 5 jaar redelijk lang blijkt te zijn...
- “Provincies: wat ermee doen?”
De meeste partijen willen ervan af. Maar blijkt toch dat er nuttig werk wordt geleverd. Er moet toch "iets" zijn tussen stad/gemeenteniveau en regionaal/nationaal. Een gewest is soms te groot, een stad te klein...
Dus, ofwel provincies "hervormen" ofwel vereenvoudigen tot iets anders. Dit "moderniseren" lijkt nuttiger dan alles afschaffen, wat ook geld zal kosten. Uiteindelijk zal men toch voor een soort andere tussenschakel
moeten kiezen.
Wow, dit was een hele boterham! ‘t Was moeilijk om te kiezen wat wel en niet in ‘t verslag diende opgenomen te worden om toch redelijk "volledig" te zijn... Zeer aangenaam, boeiend en vlotlezend proza is het niet, maar dat is de materie op zich ook niet... Toch was de uitleg zeer duidelijk en overzichtelijk en kunnen we met kennis van zaken zondag naar de stembus. De professor had om 17 uur al een nieuwe afspraak en moest derhalve snel vertrekken.
Onze voorzitter bedankte de professor, alsook de 51 aanwezigen.

Verslag: Marie-Paule Vermeulen


 

 

 

©copyright 2008 daniel.verbeke | gastenboek | feedback