Trio Freddy Couché

Trio Freddy Couché

Trio Freddy Couché

 

 

LEDENVERGADERING VAN 12 JUNI 2012

Lentefeest met ‘Trio Freddy Couché’

Daniël, onze voorzitter, introduceerde na zijn welkomstwoord het muzikaal Trio Freddy Couché.
Na hun zeer gesmaakt optreden op ons lentefeest van vorig jaar was er de vraag naar nog meer. Vandaag zouden we dat krijgen. Maar eerst had onze voorzitter nog een leuke mededeling: Chris(-tiane) telde vandaag 4 maal 20 lentes en dat was een ‘Happy Birthday’ en een driewerf ‘hip, hip, hoera’ waard.
Daarop vroeg onze voorzitter Chris ten dans. Op de klanken van ‘Que sera, sera’ (Doris Day) draaiden ze in driekwartsmaat over de dansvloer. Ook de andere leden werden uitgenodigd om verder tijdens de namiddag de dansvloer te bezetten. Waren het onze lijfelijke mankementen of schroom die ons daarvan weerhielden?
Met ‘Hello, Dolly’ (Louis Armstrong) maakten we kennis met de New Orleans Jazz. Onder het motto: “U vraagt, wij voeren ‘life’ uit”, begonnen de drie hun tafelentocht om de verzoeknummers ten beste te brengen.
De eerste tafel vroeg om ‘Petite Fleur’ (Sidney Bechet), een nummer klassieke jazz. Tafel twee had het meer voor ‘Blue Spanish Eyes’ (Al Martino, 1967). In crisistijden droomt men ook al eens van ‘If I were a Rich Man’ (uit Fiddler on the Roof, 1964). Maar het was wachten geblazen met ‘J’attendrai’ (Tina Ketty/Dalida).
Heb je geen geld, leef dan van de liefde. Er werd dan ook gevraagd naar: ‘L’Amour ça fait chanter la vie’ (Belgische inzending voor het Eurosongfestival van 1978, uitvoering Jean Vallée). Hierop volgde: ‘L’Amour est un bouquet de Violettes (Luis Mariano, 1952). ‘Hear my song Violetta’ (Ray Adams) was dan een andere liefdesverklaring. Een klassieker die niet mocht ontbreken was dan ook ‘The Harry Lime theme’ (Anton Karas’ uit de film ‘The Third Man’. Dan kwamen de tafels met de ‘Amsterdamgangers’ aan de beurt. Er kwamen liedjes over Amsterdam en de Jordaan; dat waren: ‘Oh Johnny, zing een liedje voor mij alleen’ (Tante Leen), ‘Geef mij maar Amsterdam (Johnny Jordaan) en ‘Tulpen uit Amsterdam’ (Herman Emminck, 1937).
Daartussenin hoorden we ‘Ne me quitte pas’ (Jacques Brel). ‘Les lacs du Connemara’ (Michel Sardou, 1982), de ‘must’ op alle feestjes, was de afsluiter van het eerste deel.
Tijdens de pauze werd het lentefeest verder gezet met feestgebakjes en koffie à volonté.
Het tweede deel van de muzikale namiddag startte met een vraagje: ‘Are you lonesome tonight’ (Elvis Presley).
‘Daar bij die molen’ (Willy Derby/Jo Vally) moest de eenzaamheid wat verdrijven, maar het draaide uit op ‘Twee ogen zo blauw’ (Willy Derby, 1935). Aan de volgende tafel waren ze de naam (titel) van het gewenste lied vergeten; dan bracht het trio maar ‘Wat je naam was, dat ben ik vergeten’ (Ray Franky/Bob Benny/Jo Vally). De cent was intussen gevallen en de gezochte naam was: ‘I love you because’ (Jim Reeves, 1964). Daarop volgde ‘Cœur Blessé’ (Petula Clark), hopelijk had de aanvrager dat niet. Na ‘Buona Sera’ (Louis Prima) gewenst te hebben werd er terug gevraagd naar die toch zo zeldzame ‘Blue Spanish Eyes’. Met ‘Pour un flirt’ (Michel Delpech) ging het de versiertoer op en viel het oog op ‘La Spagnola’ (Mario Lanza, 1952). ‘Santa Lucia’ (Enrico Caruso/Luciano Pavarotti) werd dan aangeroepen en ‘New York, New York’ (Frank Sinatra) kon iedereen bekoren. Aan de volgende tafel kregen de drie de vrije keus en brachten dan maar één van hun vele favoriete nummers: ‘Autumn Leaves’ (Miles Davis, 1958), naar ‘Les Feuilles Mortes’ (Yves Montand, 1946). Dan kwam er een medley van liedjes van twee van onze monumenten: Eddy Wally en Walter De Buck. Daarin konden ‘Als marktkramer ben ik geboren’, ‘Vliegmachien’, ‘In mijn stroatse zijn ’t allemaal komeren’ en ‘’t Vliegerke’ niet ontbreken.
De apotheose kwam er met het slepend Slavisch zigeunerlied ‘Kalinka Malinka’ (Ivan Rebroff). Daarmee zat het geslaagd lentefeest er alweer op. Mooie liedjes duren niet lang.
Al lijdt het weer aan depressies om er zelf depressief van te worden, met zulke muziek is dat uitgesloten.
Zoals we Freddy Couché (klarinet & saxafoon), Clark van Mere (gitaar & zang) en Roland Payne (contrabas) vorig jaar hadden leren kennen was hun performance dit jaar terug meesterlijk. Onze voorzitter bedankte hen daarvoor hartelijk en van de aanwezigen kregen ze een welgemeend dubbelapplaus.
Er was ook een dankwoord voor Martine die met haar potjes bloemen de tafels had versierd; bijzondere woorden van dank waren er voor de overige vrijwilligers die het feest mogelijk hadden gemaakt.
Na de mededeling dat de potjes bloemen terug te koop werden aangeboden en dat de opbrengst ervan aan het Kinderkankerfonds wordt geschonken, wenste Daniël ons een behouden thuiskomst.

                                                                                                                              Verslag: Daniël Van Renterghem


 

 

 

©copyright 2008 daniel.verbeke | gastenboek | feedback