Hotel Blanckthys

Voeren

Voeren

Voeren

Voeren

Voeren

Voeren

 

 

 

 

 

Verslag wandelweekend ’s-Gravenvoeren 29/09/17 – 01/10/17

Hotel Blanckthys

Bij het afsluiten van de inschrijvingsperiode konden we 20 deelnemers noteren.
Jammer genoeg diende 1 persoon te annuleren.
De zes Voerdorpen zijn: Moelingen, ’s-Gravenvoeren, Sint-Martens-Voeren, Sint-Pieters-Voeren, Teuven en Remersdaal.
We verbleven in hotel Blanckthys, een vierkantshoeve in Maaslandse Renaissancestijl, in ’s-Gravenvoeren, het dorp dat zich ontwikkeld heeft als een lang lintdorp langs de Voer, met loopbruggetjes over het water naar de huizen. De kerk, de pastorie en verscheidene boerderijen in de onmiddellijke omgeving stammen uit de 18de eeuw. Het kasteel van de ‘graven van Voeren’ is al lang verdwenen. Er zijn wel nog twee andere kasteeltjes: Altenbroek, te midden van een prachtig parklandschap en Ottegraven, op de grens met Sint-Martens-Voeren.
De Voerstreek heeft het hoogste punt van Vlaanderen (287,50 m) en is tegelijkertijd het verst van de zee verwijderd. De kalkrijke ondergrond draagt ertoe bij dat fauna en flora een aantal aparte trekjes vertonen.

Vrijdagmorgen 29 september verliep de ochtendspits vrij vlot. Hierdoor kwamen alle deelnemers aan het wandelweekend tijdig aan in ’s-Gravenvoeren.
Gezien er voldoende tijd overbleef tot het middagmaal brachten we een bezoek aan het bezoekerscentrum.
Er is een cartografische & historische tentoonstelling met kaarten en een grote maquette die de streek en alle bezienswaardigheden toont vanuit de lucht.
In de “natuur educatieve” tentoonstelling leer je de streek kennen op een speelse interactieve manier. Schuiframen, 3-dimensionele kijkers, tunnels, deurtjes, puzzels, geluiden, lichtjes en foto’s geven een aantal geheimen van de Voerstreek prijs.
Het was zalig vertoeven op de grote binnenkoer van het hotel en we konden onze broodmaaltijd buiten verorberen. Na de maaltijd kregen we onze kamersleutel en konden de wandelschoenen worden aangetrokken.
We vertrokken met 18 wandelaars voor een wandeling van 8 km.
Het was vrij warm en dat was ook te zien aan de wandelkledij: veel korte broeken en T-shirts.
Het werd een afwisseling van holle wegen en open vlakten. De ondergrond was droog en hierdoor zeer goed begaanbaar. Na een korte drinkpauze begaven we ons naar de 9 meter hoge uitkijktoren in Mesch (Limburgs: Misj – gelegen in de Limburgse gemeente Eijsden-Margraten – is het zuidelijkst gelegen kerkdorp van Nederland). Op de toren is informatie te vinden over het huidige landschap en dat uit het verre verleden. De uitkijktoren staat midden in een omgeving waar veel waardevolle archeologische, en zelfs voor Nederland unieke, vondsten zijn gedaan.
Vanop de toren hadden we een schitterend uitzicht over de heuvels van Zuid-Limburg en de Voerstreek.
Na de prachtige wandeling hadden we voldoende tijd om ons op te frissen en daarna te genieten van een welverdiend aperitief.
Op het menu stond: salade met kip en spekjes – zalmfilet met kreeftensaus – moelleux au chocolat met vanillesaus en ijs. En of we ervan genoten hebben.
Hierna was het voor de meesten bedtijd. Onze 1ste dag was voorbijgevlogen.

Zaterdagmorgen kondigde zich zeer nat aan. Na de intense regenbuien tijdens de nacht, bleef het tijdens de ochtenduren ook nog fel regenen.
Alle wandelaars verschenen fris en monter aan het uitgebreide ontbijtbuffet, waar iedereen wel zijn gading kon vinden.
Tegen het vertrekuur waren de regenbuien sterk afgezwakt. Iedereen verscheen aan de start van de wandeling (7,9 km), allemaal voorzien van de nodige regenkledij en sommigen met paraplu.
Het waterpeil van de Voer was enorm gestegen tegenover gisteren. Het heldere water was veranderd in een bruin, stromend water.
Vanaf de prachtig gerestaureerde eeuwenoude herberg ‘de Swaen’, die dateert uit 1742, ging het licht bergop. In de holle weg stroomde het water ons tegemoet.
Aan de rechterzijde had je een prachtig uitzicht over het dal. De wandeling ging verder door de weiden, waar we via draaipoortjes van de ene weide in de andere terechtkwamen.
Aan knooppunt 33 was de eerste mogelijkheid om de wandeling in te korten (totaal 3,8 km) – 2 wandelaars maakten gebruik van de inkorting.
De rest van de groep trok verder richting het kapelletje van Steenbos, dat gebouwd is met de restanten van een Romeinse villa die in 1846 op deze plek werd opgegraven.
Aan knooppunt 28 (totaal 4,7 km) maakten 6 wandelaars gebruik van de 2de inkorting.
Langs boomgaarden en verschillende kapelletjes trokken we verder richting hotel.
Tijdens de middagpauze konden de natte kleren worden gedroogd.
In tegenstelling tot gisteren liet het weer niet toe om buiten te middagmalen.
Rond 14 uur vertrokken we met 18 wandelaars voor de grote wandeling van 13,3 km.
In Schophem was er de eerste mogelijkheid om in te korten (totaal 4,6 km of 6,6 km).
Hier kozen 3 wandelaars voor het traject van 6,6 km. Via de knooppunten 90 en 91 kwamen we in Sint-Martens-Voeren terecht. Aan knooppunt 48 was er opnieuw een mogelijkheid om in te korten (totaal 9,4 km). Wegens de aanhoudende lichte regenval maakten hier 9 wandelaars van deze mogelijkheid gebruik.
Uiteindelijk bleven 6 moedigen over om het gehele traject af te stappen. Via het Broekbos kwamen we in Ulvend waar we in IJssalon ’t Bakhuis halt hielden. Het ijssalon bevindt zich exact op de Belgisch-Nederlandse grens tussen Sint-Martens-Voeren (B) en Noorbeek (NL). Een stuk taart of pannenkoeken met koffie, een ijscoupe, een Triple Val-Dieu, alles smaakte.
De 9 wandelaars die inkortten brachten een bezoek aan Café De Wandelaar.
Na de innerlijke mens gesterkt te hebben konden we verder stappen en ondertussen regende het niet meer.
Via de Heerbaan stapten we richting natuurreservaat Altenbroek.
Toen we in ons hotel aankwamen was er nog tijd zat om ons te verfrissen en te genieten van een aperitief, alvorens ons aan tafel te begeven.
Het menu bestond uit: rundercarpaccio – hoenderfilet met zwarte pruimen, krieltjes en een rode wijnsaus – panna cotta met een siroop van kersen.
De 2de dag was opnieuw voorbijgevlogen.

Zondagmorgen was het droog en na het rijkelijk ontbijt dienden we uit te checken en onze rekening te betalen.
Met zijn allen vertrokken we voor een wandeling van 8,9 km. Via holle wegen, die er door de regenval van zaterdag zeer modderig bij lagen, stapten we via het Hoogbos richting Mheer (NL).
Eén wandelaar maakte gebruik van de inkorting.
Ondertussen scheen de zon en truien en regenjassen werden uitgedaan. In de Dorpsstraat te Mheer kwamen we voorbij “Taverne in de Smidse”. De waard had maar net zijn taverne geopend en hij stond nog in zijn deurgat. We konden het niet nalaten om die Nederlander een bezoekje te brengen. Daar onze wandelschoenen erg bemodderd waren bleven wij, propere Belgen, op het terras zitten.
Verder in de straat kwamen we voorbij het kasteel van Mheer, een particulier landgoed in Nederlands Zuid-Limburg, gelegen aan de Mergellandroute in het dorp Mheer, in de Limburgse gemeente Margraten.
We konden genieten van een prachtig uitzicht, in alle richtingen waar we konden kijken.
Via de Koetsweg, een transportroute en postkoetsweg tussen Luik en Aken uit de 18de eeuw, bereikten we ons einddoel. De modderschoenen werden in de auto achtergelaten en vervangen door proper schoeisel.
In het hotel konden we genieten van ons “laatste middagmaal”: pompoensoep – forel op Voerense wijze met amandelen en botersaus of runderbrochette van de chef met knoflookmayonaise – chocolademousse.
En of het gesmaakt heeft.
Zo kwam er een einde aan ons 3de wandelweekend.
Wandelen in de Voerstreek is zeker een aanrader voor elke wandelliefhebber.

Verslaggever: Guy De Coninck


 

 

 

©copyright 2008 daniel.verbeke | gastenboek | feedback